Zorgoverleg

SEL groepeert in je gemeente al wie met eerstelijnszorg bezig is: je huisarts, thuisverpleegkundige, verzorgende, apotheker, kinesitherapeut, logopedist, diëtiste, maatschappelijk werkers van ziekenfondsen en OCMW's, diensten voor maaltijdbedeling, poetshulp, klusjesdienst, dagopvang, centra voor kortverblijf,...

Al deze mensen en diensten hebben hun eigen deskundigheid, maar samen kunnen zij nog meer. Het SEL zorgt ervoor dat zij elkaar kennen, dat ze elkaar kunnen bereiken en dat ze samenwerken.

Als je thuis wil verzorgd worden en je daarvoor professionele hulp nodig hebt, kan je je huisarts, je mutualiteit of je thuisverpleegkundige aanspreken en een zorgoverleg aanvragen. Het overleg kan ook in het ziekenhuis doorgaan vooraleer je naar huis gaat.

Hoe verloopt een zorgoverleg?

Als er verschillende zorgverleners betrokken worden, kan een overlegorganisator helpen om de gepaste mensen bijeen te brengen in een zorgoverleg.

In een zorgoverleg maken de patiënt, mantelzorgers, familie en zorgverstrekkers samen een zorgplan op: wat wens je als patiënt, wat kan de thuiszorg bieden, welk verzorgingsmateriaal is nodig, welke financiële hulp kan je krijgen,...? In het zorgplan worden de zorgdoelen en de gemaakte afspraken neergeschreven. Het zorgplan bestaat ook op het internet in de vorm van het e-zorgplan dat een beveiligde communicatie mogelijk maakt.

Overlegorganisator en zorgbemiddelaar

Het overleg wordt georganiseerd door de overlegorganisator die de aanvraag van het overleg bevestigt door binnen de 2 werkdagen een e-zorgplan voor de patiënt op te stellen. Ten uiterste binnen een maand na de aanvraag van een overleg (binnen de 5 werkdagen in palliatieve zorgsituaties) zal het overleg worden georganiseerd. De overlegorganisator zal het overleg leiden en de afspraken die tijdens het overleg worden gemaakt noteren in het e-zorgplan. Het SEL werkt samen met verschillende overlegorganisatoren die verschillen naargelang de woonplaats van de patiënt.

Tijdens elk overleg wordt een zorgbemiddelaar aangeduid die het centraal aanspreekpunt is voor de patiënt, zijn mantelzorgers, familieleden en het zorgteam.